Zuster Jeanne, geboren in 1935, groeide op in een gezin van 9 kinderen.
Ze had een mooie jeugd en een heleboel vrienden. Ze voelde steeds duidelijker dat ze zuster wou worden.
Toen is ze ingetreden – zo heet dat als je naar het klooster gaat -  bij de zusters in Heverlee.
Ze wilde dolgraag naar India gaan, dat is haar ook gelukt.
Eerst gaf ze les aan doven en blinden in een groot instituut.
Maar na verloop van tijd zag ze de vele wantoestanden: armoede en misbruik, ook van kinderen.
Vooral de allerarmsten waren er erg aan toe.

Vanaf dat moment is ze zich gaan inzetten voor hen.
In 1985 richtte ze in Mumbai (vroeger Bombey geheten) een beweging op die zich inzet voor dienstmeisjes, huisslaafjes.
In deze beweging komt ze  samen met veel Indische mensen die haar helpen, op voor de rechten van deze kinderen en dienstmeisjes.
Ze proberen ze naar school te laten gaan en hen rechten te geven:
een kind heeft veiligheid, knuffels, en onderwijs nodig. Ook deze kinderen moeten de kans krijgen om te spelen.
Huisslaafjes krijgen dat meestal allemaal niet.

Van de naar schatting 20 miljoen kinderen in India die werken voor de kost, doet de helft dat in de privésfeer van een woning. Ze zijn letterlijk meid voor alle werk. Ondervoed, onderbetaald, eenzaam. Ze kunnen vaak niet naar school. Ze worden makkelijk het slachtoffer van een baas die zijn handen niet kan thuishouden.

Daarom is er therapie (begeleiding en scholing) in de vluchthuizen.
Maar omdat er dikwijls geen eten is zijn er veel kinderen die noodgedwongen blijven werken.
Voor hen organiseert de National Domestic Workers Movement, zo heet de vereniging van Jeanne, een soort bijeenkomsten, waar werkende kinderen elke week twee uurtjes samenkomen.
Ze zijn dikwijls met zo’n zevenhonderdvijftig en leren er samen spelen en zingen.

   

Gedurende die twee uur kunnen ze zich goed voelen.
Ze moeten er niet vrezen dat volwassenen rare dingen met hen gaan doen.
Deze bijeenkomsten zorgen ook voor controle. De bazen van de kinderen letten nu op hun tellen. Want als er aan het licht komt dat het kind letsels heeft, zouden ze wel eens in verlegenheid kunnen komen.

Nu, op haar 72ste slaapt Jeanne Devos in een appartementskamertje met vier stalen stapelbedden. Als ze slaapt, heeft ze een koptelefoon op haar hoofd. Zo is ze steeds bereikbaar.
Overal in Indië zie je stickers op lantaarnpalen met het noodnummer voor huisslaafjes.
Wanneer hun baas slaapt, bellen ze Jeanne en haar medewerkers op om problemen te melden of gewoon om hun hart eens te luchten.”
Vrijwilligers om deze telefoontjes te ontvangen, zijn er genoeg.
Huizen zijn er te weinig en dus peperduur.
Daardoor is er plaats te kort om kinderen op te vangen die hun bazen zijn ontvlucht.
Zo zijn er ruimten, kleine appartementen in hoge gebouwen, waar honderdvijftig kinderen opeengepakt les krijgen.
In kleine kamertjes, nauwelijks vier op vier, zitten tientallen gevluchte meisjes,  slachtoffers van seksueel misbruik. In die kleine ruimte eten en slapen ze. Ze zijn te bang om het gebouw te verlaten.

... ...
   

Vroeger was men in India van mening dat kinderarbeid geen kwaad kon.
Na hard werken heeft zuster Jeanne en haar medewerkers bekomen dat het Indische parlement kinderarbeid gedeeltelijk verboden heeft en zijn zelfs hooggeplaatste personen al veroordeeld voor kindermishandeling.
Sister Jeanne, ook Didi geheten door de Indische kinderen,  is blij om elke millimeter die ze vooruit gaat en om ieder kind dat ze zijn waardigheid kan teruggeven.

goededoelen.be, GOEDE DOELEN, WWW.GOEDEDOELEN.BE

meer onder het thema: Verantwoordelijkheid en engagement

 

 

Indien jij op school aandacht wil schenken aan dit project
en aan zuster Jeanne, dan kunnen wij je helpen met folders en filmpjes

 

 

deze folders en filmpjes kan je hier aanvragen

 


wil jij, op deze website, meer vertellen over acties en ervaringen omtrent dit project, dan mail je best naar ritaheymans@jeannedevos.org